Meer betrokkenheid van mantelzorgers bij het leven van bewoners van Hoeve Overhuizen draagt zeker bij aan hun kwaliteit van leven. Dat is althans de overtuiging van een enthousiaste Ashley Slangen, verpleegkundige in deze woonvorm voor mensen met dementie. “Door meer betrokkenheid leren we bewoners beter kennen en kunnen we beter inspelen op hun persoonlijke behoeften.”
De Gouden Driehoek, zo heet de pilot die in Hoeve Overhuizen in Bocholtz loopt, vertelt Ashley. Zij begon in 2018 als stagiaire in deze woonvorm toen die nog aan de Schoolstraat in Bocholtz was gevestigd. In 2019 trad ze bij Meander in dienst als verzorgende IG; inmiddels is ze verpleegkundige. Ashley maakte de verhuizing van de woonvorm naar Kerkrade (Lückerheide) mee, evenals die naar de volledig verbouwde hoeve in Bocholtz.
In de voorbije periode zag ze de betrokkenheid van mantelzorgers, zoals echtgenoten en kinderen, duidelijk veranderen. Waar die betrokkenheid na de verhuizing van een naaste naar de Wonen met Zorg-locatie voorheen meer naar de achtergrond verdween, worden mantelzorgers nu veel meer bij het dagelijks leven in de hoeve betrokken: in de ideale situatie ontstaat een gouden driehoek van bewoner, naaste en verzorgende. Door meer met elkaar in gesprek te gaan, verbetert de zorg, is de gedachte. In de praktijk pakt dat nu heel vaak ook zo uit, vindt Ashley.
“Door meer met elkaar te praten, leren we de bewoners beter kennen; ook hoe mensen vroeger waren en waar ze van hielden. Daar kunnen we dan beter op anticiperen. Als een bewoner bijvoorbeeld onrustig is en we weten dat iemand goed op huisdieren reageert, dan kunnen we iets doen met onze dieren, zoals de huiskatten, of kippen en geiten. Daarnaast kunnen we activiteiten nu beter op bewoners afstemmen. Zo hebben we een bewoner die vroeger altijd modeltreinen had; samen met de mantelzorger hebben we dat hier weer kunnen opbouwen.”
Voorafgaand aan de verhuizing van een toekomstige bewoner, gaan Ashley en collega’s al op huisbezoek. Dan gaan ze in gesprek met mantelzorger(s) en dat helpt om een beter beeld te krijgen van de toekomstige bewoner. Na de verhuizing wordt de betrokkenheid van mantelzorgers gestimuleerd: want waarom zou je alle zorg overnemen als mantelzorgers daar zelf nog een rol in kunnen en willen vervullen? “Wij merken dat mantelzorgers dat fijn vinden. Ook blijven we hen informeren via de rapportages in CarenZorgt. En als mensen daar vragen over hebben, gaan we met hen in gesprek. De relatie van de zorg met mantelzorgers is echt veranderd”, zegt Ashley. “We zijn nu gelijkwaardiger en er is een meer persoonlijk contact ontstaan. De grens is weg.”
Theo Winkens beaamt dat volmondig. Hij is dagelijks vele uren aanwezig in Hoeve Overhuizen, waar zijn vrouw Inge nu ruim een half jaar woont. Eerder verbleef zij al korte tijd in het logeerhuis in de hoeve. “Dit is een mooie plek, midden in de natuur. En de zorg is hier heel goed. Ik zie dat mijn vrouw tevreden is; ze lacht veel. En dat is het belangrijkste, dat mijn vrouw zich happy voelt.”
Daarom is hij er elke dag voor haar, maar ook met andere bewoners en hun mantelzorgers heeft hij een goed contact. “En”, vult Ashley aan, “hij helpt ons regelmatig. Dat varieert van af en toe toezicht houden in de woonkamer tot het uitruimen van de vaatwasser.” De neiging om dat te doen, zit in hemzelf, zegt Theo Winkens. “Maar ik merk wel dat ze hier de betrokkenheid van mantelzorgers stimuleren. Het contact met de zorg is heel goed; samen vormen we een team.”•